In augustus nemen we Jeroen Windmeijer ‘onder de loep’. Zijn nieuwe boek Het Pilgrim Fathers-complot verschijnt 7 augustus bij uitgeverij HarperCollins en is het laatste deel van de Leidse trilogie. Hoogtijd om nader kennis te maken met deze verhalenverteller.

Wij zullen dit interview plaatsen als een drieluik, in de traditie van Jeroens werk. Deze week deel II.

Is het makkelijker objectief naar het verleden te kijken zonder de ballast van een geloof?
‘De ballast van het geloof’ klinkt zo negatief, maar het is wel waar dat je vrijer bent tijdens het lezen van de bijbel als je niet gelovig bent denk ik. Je durft gemakkelijker bepaalde ongemakkelijke vragen te stellen, omdat je niet bang hoeft te zijn dat een even ongemakkelijk antwoord erop eeuwige consequenties heeft voor je ziel. De Bijbel zit vol tegenstrijdigheden bijvoorbeeld, dat is ook zoiets. Volgens de evangelisten Lucas en Mattheüs werd Jezus in Bethlehem geboren, volgens Marcus en Johannes in Nazareth. Die twee feiten kun je op geen manier met elkaar verenigen. Dus als je gelooft dat de Bijbel het letterlijke woord van God is, heb je een probleem. Als je het ziet als een literair werk dat uiteindelijk mensenwerk is, kun je accepteren dat schrijvers zich vergist hebben. Of neem de genealogie van Jezus. Hele lijsten met namen staan er, vanaf Adam en Eva af, via koning David tot aan Jezus toe, om te bewijzen dat Jezus volgens de profetie echt uit het Huis van David stamde. Maar die afstammingslijn loopt via Jozef, waarvan de evangelisten nu juist beweren dat hij níet de vader was van Jezus. Dus die genealogie is daarmee in een klap waardeloos. Eeuwenlang wringen theologen zich in de meest lastige bochten om dit verklaard te krijgen, maar uiteindelijk kom je daar niet uit natuurlijk. Net als de ark van Noach, zodra je die verhalen letterlijk gaat nemen, moet je echt het gezond verstand overboord zetten om die nog kloppend te krijgen. Maarten ’t Hart heeft er kostelijk en met verstand van zaken over geschreven in Wie God verlaat, heeft niets te vrezen en De bril van God.

De bekentenissen van Petrus en Het Pauluslabyrint gaan over, de misvatting van, het ontstaan van een wereldwijd geloof. Waarom juist dit verhaal?
In het geval van Petrus bijvoorbeeld is het fascinerend dat de belangrijkste leerling van Jezus halverwege het verhaal in het vijfde Bijbelboek De Handelingen van de apostelen ineens van het toneel verdwijnt, zonder dat er iets gezegd wordt over wat er met hem gebeurd is. Het officiële verhaal is dat hij naar Rome is gegaan en daar uiteindelijk ondersteboven gekruisigd is. Op zijn graf zou dan de Sint Pieter gebouwd zijn, waardoor Jezus’ profetie over Petrus uitkwam. Petrus heette eigenlijk Simon, maar Jezus gaf hem een nieuwe naam, ‘Petrus’, hetgeen ‘rots’ betekent. ‘Op jou zal ik mijn gemeenschap bouwen’. Maar als je je ook maar een héél klein beetje in die geschiedenis verdiept, dan ontdek je dat er nog geen snippertje bewijs is dat Petrus ooit in Rome geweest is. De enige bron is een apocrief boek, De Handelingen van Petrus, waar ook pratende baby’s, vliegende mensen en pratende honden in voorkomen! Fik Meijer heeft er een prachtig boek over geschreven, Petrus. Ik vind het fascinerend dat dit verhaal, dat aantoonbaar 100% legende is, zo breed geloofd wordt en onder meer de basis is geworden van een wereldwijd geloof, het rooms-katholicisme, dat op dit moment door meer dan een miljard mensen aangehangen wordt.

Of Paulus, zonder wie het christendom een kleine sekte in Palestina was gebleven, die waarschijnlijk was verdwenen na 70 na Chr. toen Jeruzalem door de Romeinen verwoest werd. Hij is de eerste die de christelijke ideeën op papier zet en zich op de niet-joodse wereld richt. Let wel, het zijn zíjn ideeën want hij heeft Jezus nooit ontmoet en bovendien was Jezus helemaal niet geïnteresseerd in niet-Joden. Hij is dingen gaan verkondigen waar Jezus als joodse rabbi nooit achter zou hebben gestaan zoals het loslaten van de spijswetten of het niet langer verplicht stellen van de besnijdenis.

Ik vind het dus interessant om in die geschiedenissen te duiken, omdat ze door zo ontzettend veel mensen voor wáár gehouden worden, terwijl daar heel weinig van over blijft als je ook maar een klein beetje aan de oppervlakte ervan schraapt.

Het Pilgrim Fathers-complot beslaat een bepalende periode in de geschiedenis, waarbij Leiden een belangrijke rol speelt. Niet iedereen is hiermee bekend, geeft je dat ook extra motivatie om de lezer wat bij te leren?
Ja, klopt. De vorige zomer zijn mijn vrouw en ik met onze dochter naar de VS gegaan zodat ik onderzoek kon doen voor mijn nieuwe boek over de Pilgrims. We hebben onder meer Boston bezocht en de Plymouth Plantation, een Archeon-achtig openluchtmuseum waar ze een dorp hebben nagebouwd zoals het er rond 1620 uitgezien moet hebben – bewoond door de Pilgrims die daar toen op de kust landden. Hoewel de mensen die ik sprak wel wisten dat de Pilgrims uit Engeland gevlucht waren omdat ze vanwege hun geloof vervolgd werden en naar Nederland trokken, wisten toch niet veel mensen dat ze er elf jaar gewoond hadden (van 1609-1620). Veel van de ideeën die ze uit Leiden én uit Nederland meenamen zijn de basis gaan vormen van de Verenigde Staten, zoals de vrijheid van meningsuiting, godsdienst en drukpers, het burgerlijk huwelijk, de scheiding van kerk en staat. Er zijn ook sterke aanwijzingen dat de maaltijd van Thanksgiving sterk geïnspireerd is op de dankmaaltijd die in Leiden gehouden werd na het verdrijven van de Spanjaarden in 1575 – nu eten we in Leiden nog steeds hutspot op drie oktober en haring met wittebrood.

De rode draad in mijn boek is een document dat gevonden is in het archief van Erfgoed Leiden en Omgeving. Een anoniem gebleven Pilgrim verhaalt daarin van de tijd van de Pilgrims in Leiden, waarbij ik mijn eigen draai aan dat verhaal geef.

Dus ik wil de mensen inderdaad iets vertellen over de geschiedenis van de Pilgrims – en aan de Engelsen en Amerikanen iets over de rol die Nederland, en dan met name Leiden, gespeeld heeft in dit hele verhaal. Het boek gaat vertaald worden in het Engels, zodat het goed beschikbaar is voor een breed publiek als in 2020 het 400e herdenkingsjaar gevierd wordt van het vertrek van de Pilgrims uit Europa en hun aankomst op de kust van Cape Cod.

Zou je ook een verhaal over de Spaanse bezetting(en) van Leiden willen schrijven, of is dit juist een te voor de hand liggend thema?
Nee, geen voor de hand liggend thema. Er zit heel veel geschiedenis en veel dramatiek in, dus er valt genoeg over te schrijven. Misschien zou ik het moeten proberen, bedankt voor de suggestie, hahaha. Maar ik weet niet of dat helemaal mijn terrein is. Het moet dat historisch wel heel accuraat zijn, en dat zou me te veel beperken Ik krijg nu al mails bijvoorbeeld van mensen die zeggen dat het niet klopt dat ik in Paulus iemand op een paard laat rijden terwijl hij voeten in stijgbeugels heeft, want die kwamen pas zo veel eeuwen later. Je tekst komt dan echt onder een vergrootglas en iedereen die zijn of haar leven heeft gewijd nét aan dat kleine stukje geschiedenis klimt dan onmiddellijk in de pen!

Je boeken worden vertaald en zelfs verfilmd. Kun je het zelf nog bevatten wat er allemaal op je afkomt?
Het is nog steeds heel onwerkelijk allemaal. Vooral omdat ik het combineer met een baan als leraar – ik ben wel een dag minder gaan werken overigens, drie in plaats van vier. Maar zo sta ik voor de klas en het volgende moment is er een fotoshoot of moet ik mijn smoking ophalen voor het Boekenbal. Ook de vertalingen die gaan verschijnen deze zomer: Petrus in het Tsjechisch en Paulus in het Engels in Canada, de VS en Engeland. En Paulus is ook verkocht aan Duitsland. Verder worden er luisterboeken gemaakt, komt er een dwarsligger, zijn er die wandelapps dus en zijn inderdaad de filmrechten verkocht. Het went echt nooit en ik hoop dat ik ook nooit blasé zal worden door het succes. Intussen schrijf ik gewoon maar door, want dat is waar ik uiteindelijk gewoon vreselijk veel plezier in heb.

Stel dat jij Indiana Jones bent, wat is dan jouw heilige graal?
Sinds mijn studententijd lees ik veel over aliens, ufo’s, buitenaardse beschavingen et cetera. Dat heeft me altijd mateloos gefascineerd, het is een soort moderne mythologie in ontwikkeling. Ik was altijd groot fan van de X-Files en kijk op Discovery graag naar documentaires over ontvoeringen door aliens, UFO-waarnemingen, theorieën over hoe de mens hier gebracht is met ruimteschepen van andere planeten. Dus voor mij, als Indiana Jones, zou de heilige graal dan zijn het ontdekken van het definitieve bewijs voor het bestaan van buitenaards leven. En dan natuurlijk zelf ontvoerd worden, hahaha. Hoewel ik dan waarschijnlijk niet zo heldhaftig zou zijn want ik durf al niet eens in een achtbaan op de Efteling of Drievliet! Dus laat staan dat ik tot stoere daden zou komen terwijl ik met lichtsnelheid door het heelal zoef.

Een stad is altijd in ontwikkeling. Wat vind jij hoe we met ons historisch bodemgoed moeten omgaan. Vooral bij nieuwbouw gaat er veel van het verborgen verleden verloren. Moet dit juist bewaard blijven of is inventariseren en documenteren voldoende?
We leven in een heel dichtbevolkt land dus het kan bijna niet anders. Hier in Leiden is het letterlijk zo dat als je een schep in de grond steekt, je archeologische vondsten doet. Dat is ook zo’n schitterend verhaal. Vorige maand deden Leidse archeologen een geweldige vondst tijdens een opgraving aan de rand van Leiden, op de plek waar het oude universitaire studentensportcentrum was. Eerstejaars studenten archeologie deden er aan mee. En wat denk je? Een eerstejaars studente vindt op de allereerste dag van haar allereerste practicum twee zevende-eeuwse skeletten, compleet met een zwaard en sieraden. Echt fantastisch! Dat kind kan direct stoppen op haar hoogtepunt natuurlijk, hahaha, want heel veel beter dan dit gaat het niet worden ben ik bang. En ik heb daar jaren gevoetbald, terwijl een of twee meter onder ons die skeletten lagen.

De vondsten zijn in zijn geheel, compleet met de aarde eromheen, uitgestoken om voorzichtig elders onderzocht te worden. Ik vind het al mooi dat archeologen de tijd krijgen om eerst hun onderzoek te doen. We kunnen moeilijk van heel Nederland een openluchtmuseum gaan maken natuurlijk.

(uitgelichte afbeelding: HarperCollins Holland)

Ik ben Alexander, bouwjaar 1973. Ik lees graag thrillers en fantasyboeken. Zelf schrijf ik korte verhalen, doe mee aan schrijfwedstrijden en werk aan mijn eigen boek. Ook ben ik bouwkundig tekenaar bij een aannemer en hou ik van Formule 1 en wielrennen.

Leave a Reply

  • (not be published)