Titel: 2020 Kamp Alpha: de pest meester
Auteur: Suzanna Esther
Genre: Thriller
Uitgever: Poseidon Uitgevers
Verschijningsdatum: 12 mei 2020
Aantal bladzijdes: 218 (ePub)
Recensie: Alexander

Over de auteur:
Suzanna Esther is auteur, columnist en publicist. Zij werd op 6 februari 1966 geboren te Amstelveen waar zij opgroeide. Op haar 16de verhuisde zij naar Amsterdam. Vervolgens vertrok ze op haar 24ste naar Amerika waar zij een spannend jaar doorbracht. Op haar 30ste verhuisde ze naar Frankrijk waar zij zes jaar heeft gewoond.

Als jong meisje las zij veel en vanaf haar tiende begon ze een dagelijks dagboek bij te houden. Haar passie voor taal zette zij later om in de studie Literatuurwetenschap en nadien, door haar interesse in het analyseren van het leven en de mens, in de studie Psychologie. Momenteel volgt zij een opleiding ‘Redactie’ bij de Schrijversacademie. Eerder verscheen Wervelstof (novelle) en De stem. (suzannaesther.nl)

Achterflap:
In Nederland breekt een mysterieuze bacteriële infectieziekte uit. Door de overheid wordt naar buiten gebracht dat dieren, met name huisdieren, de bacterie verspreiden. Het houden van huisdieren wordt verboden.

Voordat alle monsters volgens protocol worden overgedragen aan het Centrum voor Diagnostiek trekt Warner Rosenboom, een net afgestudeerde laborant, een andere conclusie.

Sophie Duval, tandheelkundige en gemeenteraadslid, legt de grondbeginselen voor een nieuwe politieke partij. De sfeer wordt met de dag grimmiger, achterdocht heerst. Mensen verdwijnen of worden in quarantaine gehouden, dieren worden in beslag genomen of afgemaakt en razzia’s zijn aan de orde van de dag.

Een jonge man, Arjen Terlinden en een jonge vrouw, Lisette Jaring, weigeren te voldoen aan de eisen van de overheid en geven zich met hun huisdier op voor het verzet. Zo begint een avontuur dat leidt naar duistere wouden, tentenkampen en dreigende situaties, met de belofte op een nieuwe wereld.

Welke rol speelt Warner Rosenboom en wat is het aandeel van Sophie Duval? Wie zit er achter het verzet en hebben Arjen en Lisette de goede keuze gemaakt? Hoe ver gaan mensen uit liefde voor hun dier…

Mijn mening:
Dat Suzanna Esther een vooruitziende blik had, zal ze in 2017 zelf ook niet hebben kunnen bedenken (tenzij ze een vooruitziende blik had) toen ze aan dit verhaal begon. Een bacteriële infectieziekte houdt Nederland in 2020 in zijn greep, de overheid grijpt in, vrijheden worden beperkt en in dit geval worden alle huisdieren in beslag genomen en afgemaakt, op het houden van huisdieren staat een straf. Te gek voor woorden, te ver gezocht voor een plot, toch? De realiteit heeft haar verhaal deels echter ingehaald.

Als je, met de kennis van nu, het verhaal leest, denk je soms zelfs ‘dit is ongeloofwaardig, het aantal besmette gevallen in het boek is veel te laag vergeleken met de situatie waar we ons nu in bevinden.’ Het kan raar lopen. Daarmee kaart ik ook gelijk mijn eerste punt aan: dat het uitbrengen van een verhaal waarbij de fictie achterhaald wordt door de feiten, de geloofwaardigheid van het verhaal alsnog kan aantasten. Het idee dat je moet spreken van een pre-corona tijdperk of van een anderhalvemetermaatschappij in een verhaal, houdt menig schrijver bezig en weerhoudt sommigen ook een dergelijk verhaal uit te brengen. Suzanna Esther doet met 2020 Kamp Alpha – de pest meester als eerste een gewaagde poging, al snel gevolgd door Wim Daniels met Quarantaine.

Zo leerde de geschiedenis. Het volk was bang, tegen paranoia aan. Alles werd onderbouwd.

In het eerste hoofdstuk maken we kennis met Warner Rosenboom, net afgestudeerd van de opleiding Hoger Laboratorium Onderwijs met de specialisatie microbiologie en onlangs aangesteld als laborant in een ziekenhuis in Hoofddorp. Onder het ziekenhuispersoneel is ‘de ziekte’ het gesprek van de dag; welke ziekte dat is, wordt achterwege gelaten behalve dat men mondkapjes draagt uit angst voor besmetting – zonder de achterflap gelezen te hebben mis je dus een stukje informatie. Waarom de mensen een mondkapje dragen in en rond een ziekenhuis is mij ook niet duidelijk, op de achterflap staat immers ook dat de bacterie via (huis)dieren wordt verspreid. Paranoia doet rare dingen met mensen.
Warner heeft diverse bloedanalyses gedaan, welke in beslag zijn genomen door het Centrum IDS (in dit verhaal wordt de afkorting IDS niet verklaard dus na kort speuren via Google: Centrum Infectieziekteonderzoek, Diagnostiek en laboratorium Surveillance. Het op de achterflap genoemde Centrum voor Diagnostiek wordt niet in het verhaal genoemd, het Centrum IDS wel, vandaar mijn opmerking). De resultaten heeft Warner wel kunnen achterhouden – voor het geval dat. Toevallig heeft hij een terugbelnotitie van een journalist van de Telegraaf, een stagiaire – zo denkt Warner – heeft, toen de journalist belde, vast zijn naam genoemd ondanks dat dit niet mag. In de krant, die hij normaal gesproken in de coffeeshop haalt maar waar hij van de leiding nu niet mag komen vanwege kans op besmetting, leest hij over de voortdurende discussie over ‘de ziekte’. Er dreigt een noodwet te worden aangenomen en Warner voelt zich gedwongen zijn achtergehouden bloedanalyses openbaar te maken –het ‘voor het geval dat’. Welke noodwet blijft nog even achterwege.

Waarom uitgebreid een eerste hoofdstuk vernoemen? Omdat het eerste hoofdstuk voor mij kenmerkend is voor de rest van het verhaal wat betreft de vertelstijl. Het voelt alsof ik informatie mis die ik wel zou moeten weten, het verhaal leest rommelig en er worden veel dezelfde beschrijvingen gebruikt, voor mij ontbreekt ook de spanning grotendeels ondanks dat er regelmatig met klem een poging wordt gedaan iets spannend te laten lijken en er zeker spannende momenten in het verhaal zitten. Er zit te weinig afwisseling in om de spanning te voelen, waardoor je sommige personages bijna vergeet. Terwijl naar het einde toe deze wisseling er juist wel is. Personages verschijnen en verdwijnen – een enkele verschijnt ogenschijnlijk uit het niets, anderen worden genoemd om niet meer in het verhaal terug te keren. Bij benoeming verwacht je toch dat het personage uiteindelijk nog terugkeert. Bijna alle hoofdpersonages hebben een koosnaam (Lisette wordt constant Li genoemd, ze zegt het zelf ook maar de verteller was eerst, Juul is Julia, Hugo is Huug, Dani is Daniëlle en zelfs Charles heet Charl, etc.) Voor eventjes was dat prima, maar uiteindelijk vond ik het storend.

Ze rilde toen ze in de ijskoude modder wegzakte. Toen ze overeind kwam, gleed ze uit op de spekgladde plaat en landde op haar kont in de zeiknatte smurrie.

De plot van 2020 Kamp Alpha: de pest meester is voor mij niet overtuigend. Ik kan er weinig over zeggen zonder spoilers te gebruiken dus dat zal ik ook zeker proberen niet te doen, maar het is mij niet duidelijk wat de personages motiveert. Natuurlijk is het diep triest wanneer je moet vrezen voor het leven van jouw geliefde huisdier, maar dat beklemmende gevoel mis ik vaak wel in het verhaal. De keuzes die de personage maken voelen soms te gemaakt voor het verhaal, de acties van de personages zijn zo tegenstrijdig gedurende het verhaal en zo wispelturig per situatie dat het mij weinig overtuigt. Soms lijkt er vaart in het verhaal te komen, om vervolgens weer op dezelfde plek terug te eindigen zonder gevolgen. Dat het verhaal dan ook nog eens plotseling eindigt – of openstaat voor een vervolg – is op het moment van lezen eigenlijk wel een teleurstelling.

Ook over de tijdlijn waarin het een en ander gebeurt of wanneer men elkaar heeft leren kennen heb ik mijn hoofd gebroken – uiteraard is een gedeelte fictie (het verhaal speelde zich ook deels af in de toekomst) maar ik heb er altijd moeite mee wanneer iets wordt gebruikt dat op een specifiek tijdstip heeft plaatsgevonden en de rest daar dan niet op aansluit. De relatie tussen Sophie Duval en Arjen Verlinden (of Terlinden) is daar een voorbeeld van, net als een moment uit het verleden van Arjen. Net zoals de BPL; is dat nu een burgerinitiatief, een noodwet of een politieke partij en hoe wordt men de pest meester of is er een pest meester.

Ik vind het absoluut knap dat je in 2017 een verhaal start dat op sommige momenten eng realistisch leest, zeker gezien de huidige situatie. Dat je veel fantasie moet hebben om een dergelijk plot te bedenken is iets waar geen twijfel over bestaat en had ik ook wel verwacht, maar voor mij komt 2020 Kamp Alhpa: de pest meester niet uit de verf.

Terwijl ik De stem best leuk vond om te lezen en de schrijfstijl, de opbouw, de humor, het absurde wel kon waarderen, mis ik dat in zijn geheel bij 2020 Kamp Alpha: de pest meester. Het verhaal leest voor mij rommelig en voelt onaf. Wie weet dat een eventueel vervolg mij wel kan overtuigen.

Originaliteit: 3,5
Schrijfstijl: 2,5
Leesplezier: 2,5
Spanning: 2,5
Psychologie: 2,5
Plot: 2,5

2020 Kamp Alpha – De pest meester van Suzanna Esther krijgt van mij 2,5 ster.

Alexander

Leave a Reply

  • (not be published)